Dit ben ik, toen ik nog een kleine aus was! Ben ik niet schattig?
Mijn mensen noemden mij een klein beertje en ook op straat vonden mensen mij mooi en lief. Dat vond ik wel fijn want ik kreeg heel veel aandacht. Ik was ook heel graag buiten, vond iedereen en alles leuk, was altijd blij en huppelde vrolijk mee met wandelingen. Mensen zeiden altijd "oooh wat een schatje" en dan kreeg ik vaak aaitjes en knuffels. Ook kwamen mensen op bezoek speciaal om mij te zien en kreeg ik allemaal gave nieuwe speeltjes en lekkers. Maar natuurlijk woonde ik eerst niet hier, ik ben hier ook niet geboren.
Ik ben geboren bij wat ze een fokker noemen. Ik heb nog 5 broertjes en zusjes. Daar heb ik mijn eerste stapjes gedaan, de eerste woordjes laten horen (wat ze blaffen noemen) en ben ik voor het eerst buiten geweest. Samen met mijn broertjes en zusjes stoeiden we erop los. Lang leve de lol! En toen kwam het moment dat de fokker zei dat het tijd was om op eigen pootjes te gaan staan, we gingen naar onze nieuwe huisjes. Ik werd opgehaald door mijn nieuwe mens, niet waar ik nu woon maar door mijn andere mens en werd voorgesteld aan mijn nieuwe grote broer Bodhi. Bodhi is een hulphond voor mijn mens, maar hij was toen een beetje ziek. Mijn mens wilde hem met pensioen laten gaan en een nieuwe hulphond opleiden, mij dus. Alleen ging het ook niet zo goed met mijn mens. Twee honden (een zieke hond en een drukke pup) waren een beetje veel voor haar. Dus mocht ik gaan logeren. Dat was eerst wel een beetje spannend maar ook mijn grote broer kwam nog even logeren.
Mijn nieuwe mensen waren ook heel lief gelukkig. Ze namen mij overal mee naar toe. Omdat ik zou worden opgeleid tot hulphond wilden ze mij zo goed mogelijk socialiseren zoals ze dat noemen. Ik mocht zelfs mee met mijn jonge mens naar haar school en dagbesteding. Als mijn jonge mens les had, dan lag ik heel braaf te slapen maar in de pauze kreeg ik veel aandacht en soms zelfs wat lekkers zoals een aardbei. Ze deden op school ook iets wat een outdoor dag heet. Toen mocht ik mee zwemmen in de kreek. Op dagbesteding ging mijn jonge mens in een gekke boot wat ze een kajak noemen. Dan mocht ik mee maar alleen wanneer ik mijn zwemvest aan deed. Eerst was dat een beetje spannend maar daarna was het eigenlijk wel erg leuk en ontspannend, ik was zelfs eens in slaap gevallen!
We gingen meestal op de fiets naar school, dan mocht ik voorop in het mandje. Dat was gaaf! Ik kon zo alles goed zien. Maar toen ik te groot werd moest ik in de fietskar. Dat vond ik stom want nu kon ik niet meer alles zien en zat ik te ver weg van mijn jonge mens. Wel zei ze dat ik dan heel mooi kon zingen. We gingen ook wel eens met een hele grote auto wat ze een bus noemen. Dat was beter want dan kon ik bij mijn jonge mens liggen. Maar toen ging mijn jonge mens niet meer naar school, gingen we niet meer zoveel op visite en deden de mensen buiten een beetje gek. Ik mocht vaak niet meer spelen met andere honden en mensen kwamen mij ook geen aaitjes meer geven. Mam wilde eigenlijk met mij naar de hondenschool maar dat kon ineens ook niet meer. Ik begreep er helemaal niks van. Mam zei dat het kwam door corona en iets wat een lockdown heet.
Maar goed, zoals ik al zei was ik daar aan het logeren en ik had het echt naar mijn zin. Omdat ik hier al best een tijdje was en het met mijn grote broer Bodhi weer een stuk beter ging, hebben mijn mensen besloten met de fokker dat ik hier mocht blijven wonen. Mijn grote broer wilde nog niet met pensioen en hij kan het nog steeds heel goed. Ik ben dan ook super trots op hem! Gelukkig zie ik hem nog vaak hoor. Mijn mensen wonen nu ook dichterbij elkaar en Bodhi komt vaak bij ons spelen. Weetje, toen ik nog een kleine pup was toen pakte ik altijd Bodhi zijn staart vast en ging eraan trekken. Dat vond ik een heel leuk spelletje. Alleen soms vergeet ik wel eens dat ik niet meer zo'n kleine pup ben en pak ik hem soms weer stiekem zijn staart vast en dan trek ik hem door de kamer. Dat mag natuurlijk niet van mijn mensen maar ik doe het echt niet expres hoor, ik vergeet gewoon een beetje dat ik nu een stuk groter ben dan Bodhi.
Zoals ik eerder al vertelde noemen mijn mensen mij een speciaal geval en heb ik wat ze noemen gedragsproblemen. Hierboven las je al dat ik juist een heel nieuwsgierige en vrolijke pup was en alles en iedereen leuk vond. Wat is er dan gebeurd? Nou eigenlijk niks bijzonders. Ik werd ouder en kwam in wat ze noemen de puberteit. Ineens leek het wel of de hele wereld anders was. Alle geuren en geluiden! Dat was mij eerst nog niet zo opgevallen. Het werd me vaak een beetje te veel in mijn koppie tijdens het wandelen. Ik wilde niet meer dat andere honden en mensen in mijn buurt kwamen en begon naar ze te blaffen. Dat hielp want ze kwamen nu niet meer dichtbij. Ook kreeg ik steeds meer spanning tijdens de wandeling en wat mijn mensen ook probeerden, het bleef druk in mijn hoofd. Ik kreeg het niet meer onder controle.
Ook thuis begon ik moeite te krijgen met bezoek buiten mijn eigen mensenkring. Het werd zelfs zo erg dat ik een paar keer uit spanning of schrik gehapt heb. Niet expres maar mijn mensen waren daar wel heel boos en verdrietig om. En sindsdien als er bezoek komt dan mag ik in de bench. Dat is niet erg hoor want mam maakt vaak wat lekkers klaar zodat ik iets te doen heb. Het geeft mij ook rust want ik voel me veilig in de bench. Tuurlijk hebben mijn mensen ook hulp gezocht. Ik moest zelfs bij de dokter bloed laten prikken en ook een tijdje elke ochtend een pilletje slikken. Alleen daar voelde ik mij niet zo lekker van. Ik was elke dag moe, wilde bijna niet meer spelen en alleen maar slapen. Gelukkig hoef ik die nu niet meer. Maar nu gaan we dus op bootcamp speciaal voor van die gekke aussies zoals ik. Daar lees je meer over in de blog over de bootcamp.
Natuurlijk ben ik geen echte hulphond meer geworden maar mijn mensen vinden mij wel een grote hulp voor hun hoor. Dus ben ik toch een klein beetje een "hulphond" geworden. Mijn mensen zijn ondanks alles toch supertrots op mij.
Tot de volgende keer!
Pootje en kusjes
Kasmir
Reactie plaatsen
Reacties
Lieve mooie vent ❤️xxx